𝗕𝗼𝗼𝘀𝗵𝗲𝗶𝗱 𝗵𝗲𝗲𝗳𝘁 𝗲𝗲𝗻 𝗶𝗺𝗮𝗴𝗼𝗽𝗿𝗼𝗯𝗹𝗲𝗲𝗺. 𝗭𝗲𝗸𝗲𝗿 𝗶𝗻 𝗼𝗿𝗴𝗮𝗻𝗶𝘀𝗮𝘁𝗶𝗲𝘀.

Het wordt al snel gezien als iets onprofessioneels. Een teken van slechte emotieregulatie. Dus veel mensen vermijden deze emotie door iets anders: inslikken, relativeren, nog een keer diep ademhalen.

Voor mij is echte boosheid vaak een signaal. Dat een grens is overschreden. Dat iets niet klopt. Dat iets beschermd wil worden. Die boosheid hoeft zich niet te uiten in schreeuwen of deuren slaan. Soms is het gewoon zeggen: "Tot hier en niet verder" of een feedback gesprek. Als je die boosheid te lang wegdrukt, betaal je daar een prijs voor namelijk. Niet meteen, maar wel op de lange termijn.

Niet elke boosheid is hetzelfde. Er bestaat ook boosheid die niet voortkomt uit een overschreden grens, maar uit iets wat iemand liever niet voelt. Schaamte, schuld of angst. Deze afweer boosheid kan dan een reactie zijn op kritiek of gezichtsverlies, in plaats van op een grens die beschermd moet worden. Dat is iets anders mijnsinziens maar moet je ook wat mee uiteindelijk.

In mijn ervaring als coach binnen organisaties lopen mensen en teams vaak vast wanneer mensen niet meer voelen dat er ruimte is om eerlijk uit te spreken wat er speelt. Grenzen worden minder aangegeven. Irritaties blijven onder de oppervlakte. Het gevolg is lang niet altijd ruzie of conflict. Veel vaker zie ik cynisme. Minder initiatief. Minder creativiteit. Juist nieuwsgierigheid, creativiteit en openheid zorgen ervoor dat mensen en teams in beweging blijven.

Mijn ervaring is dat je boosheid niet kunt wegdrukken zonder dat ook andere delen van je gevoelsleven geraakt worden. Op de korte termijn lijkt dat misschien efficiënt. Er is minder gedoe en minder frictie. Volgens mij verliezen organisaties daar meer mee dan ze zich vaak realiseren.

Niet alle boosheid hoeft geuit te worden. Maar elke boosheid verdient het om onderzocht te worden.

www.slow-forward.nl