Op de Zuidas gaat het eigenlijk altijd goed. Met iedereen.

Net een kop koffie gedaan met een oud-collega en binnen een paar minuten voelde ik het weer. Het tempo ligt hoog, iedereen is druk, overal dat vertrouwde gevoel van “gas erop” en “nog even een tandje erbij”. “Druk maar goed”, “veel ballen in de lucht maar het loopt”, “kan niet klagen”. En vooral: vraag niet door, want ik heb eigenlijk geen idee meer.

Ik heb zo’n 17 jaar in de corporate wereld gewerkt, onder andere bij ABN AMRO, en ken die cultuur van binnenuit. In die jaren heb ik veel met mensen en teams gewerkt, begeleid en gecoacht. Vorig jaar heb ik afscheid genomen en begin dit jaar Slow Forward (www.slow-forward.nl) gestart. Daar begeleid ik mensen die vastlopen in werk of richting.

Want zo subtiel begint het. Je wordt ’s nachts wakker van een opmerking van een collega en blijft er maar over malen. Waarom raakt me dit zo? Je klapt je laptop dicht en denkt: was dit het nou? Je bent thuis, maar je zit nog half in je inbox. En ondertussen ga je door, want je hebt iets opgebouwd en stoppen voelt als geen optie meer. Maar ja. Het gaat goed.

Precies daar begeleid ik mensen bij. Geen zware trajecten, maar praktische gesprekken, vaak wandelend buiten, waarin weer rust en overzicht ontstaat. Snelheid inruilen voor vertraging klinkt logisch, maar dat is het niet altijd. Eerlijk gezegd viel dat nog niet mee. Maar juist door wat meer te vertragen, ga je vaak verder dan je denkt. Van Fast Forward naar Slow Forward.